De teamleden zijn in gesprek over hun functioneren als team. Zij zegt: “Wij zijn geen goed team. Wij weten niet wat samenwerken is: iedereen werkt op zijn eigen eilandje. Als het erop aankomt zijn wij niet bereid om samen te werken.” Het valt stil.
Dan vraagt een teamlid haar: “Wat heb je nodig om beter te kunnen samenwerken?” Zijn vraag bevalt haar niet. Zij reageert verongelijkt: “Ik? Ja, wacht eens even. Nu gaat het opeens over mij. Dit wordt me te persoonlijk. Ik heb helemaal niets nodig! Wij hebben als team iets nodig.” Hij gaat verder: “Laat ons nou met jou meekijken naar wat jij nodig hebt voor een betere samenwerking. Als jij dat duidelijker maakt, dan kunnen wij daarin misschien iets voor elkaar betekenen!” Haar reactie is fel: “Ik begrijp echt niet waarom het nu opeens over mij gaat! Nu moet ik opeens iets. Ik zit hier echt niet op te wachten.” Hij kijkt haar peinzend aan. Verzamelt hij moed? “Ik vind het lastig om je dit te zeggen. Dit wat er nu gebeurt, gebeurt vaker. Jij uit je onvrede over hoe het gaat. Als dan iemand met je mee wil kijken om samen naar verbetering te zoeken, dan mag dat niet. Net als nu: ik ben bereid om met je mee te denken en nu lijkt het alsof ik je aanval. Wil jij nou iets samen of niet!?”
Wat gebeurt er hier en waar gaat dit over? De vrouw in dit team wordt overvallen door de onverwachte bereidheid van haar collega om ter plekke met haar samen te werken. Daar had zij niet op gerekend. Terwijl zij stelt dat de mensen uit dit team niet willen samenwerken, is haar collega beschikbaar om haar het tegendeel te laten ervaren. Hij vertaalt haar oordeel over het functioneren van het team als een persoonlijke behoefte en wil ook meteen met haar kijken naar mogelijkheden. Zijn bereidheid heeft ze dus, maar zij kan dat niet geloven. Het paradoxale is dat zijn bereidheid haar overvalt, juist omdat zij daar niet op rekent. Zij herkent het niet als een handreiking. Iets gaat haar te snel, want ze is eerst nog iets aan het bestrijden: de mogelijkheid dat dit team tot goede samenwerking in staat is.
Dat zij met haar eigen wantrouwen de samenwerking zelfs saboteert, was nog niet eerder in haar opgekomen. Dat zij zo onbewust haar eiland vormt en haar eigen eenzaamheid organiseert, is een verrassende ontdekking. Zo had zij het nog niet gezien. Een perspectiefswitch veroorzaakt meestal eerst verwarring en dat is vaak zichtbaar in een schrik- of afweerreactie.
Het levert waardevolle aanknopingspunten op om in samenwerking in teams met elkaar de momenten te herkennen waarop iemands persoonlijke scepsis het van de werkelijkheid overneemt. Succesvolle teams weten met elkaar werk te maken van die momenten waarop collega’s hun wantrouwen als enige waarheid hanteren. Deze professionals herkennen wantrouwen bij zichzelf en elkaar, zien het bestaan ervan als vanzelfsprekend en weten er constructief mee te werken.
Wantrouwen is een onderschatte bouwsteen voor een succesvol team.
Ben jij benieuwd naar hoe de dynamieken van wantrouwen & vertrouwen zich in jouw team voordoen? Wil je leren hierop als team meer grip te krijgen?
Dit artikel is ook op LinkedIn gepubliceerd.





